De 133 gedachtenkronkels van de wonderlijke Boris Borowitsj

 

Kronkel  120  Alles heeft een eind

 

De gezondheid van Boris gaat langzaam maar zeker achteruit. Hij laat het maar gebeuren, en ondanks dat zijn huisarts hem een aantal adviezen heeft gegeven, verandert hij zijn levenswijze nauwelijks. Hij drinkt elke dag zijn glas rode wijn, eet om de andere dag een magnetronmaaltijd en komt nauwelijks nog buiten. Ondanks alles heeft hij nog voldoende energie om te blijven schrijven en hij leest nog iedere dag de krant. Hij heeft van een oude vriend een loup gekregen, waarmee hij zorgvuldig de krant spelt. Meer verlangt Boris niet meer van het leven en het leven niet meer van hem.


Alles heeft een eind


Als het late uur op een sombere avond

Als een blad aan een boom in de herfst

Als pas gevallen sneeuw voor de zon

Alles gaat voorbij

 

Geloof me

Neem het van me aan

Het is goed zo

Zo moet het gaan

 

Als een regendruppel op een blad

Als de glinsterende dauw op het gras

Als een verdwaald vogelveertje in de wind

Alles heeft een eind

 

Nee, ik heb geen spijt

Over de gemiste kansen

En ook voel ik niet de pijn
 
Over hoe het misschien had kunnen zijn

 

Het gaat jullie goed

Want zo is het mij ook vergaan

Denk af en toe nog aan mij

Zodat ik ben en blijf bestaan

Want het leven is niet opeens voorbij

Op de dag van afscheid nemen

 

Als ten slotte de avond nadert

En er geen angst en vrees zal zijn

Ga ik ten onder in zalig evenwicht

En ben ik gerust op wat er komen gaat

Ik zie mezelf in het stralende tegenlicht

Als mijn geest mijn lichaam achterlaat

 

Maar lieve vrienden

Er is nog tijd

Nog geen moment voor tranen

Of voor gemeend verdriet

Want oud worden kent geen haast

En de Dood, ach die telt mijn jaren niet

 

 

han meijs